Veilige cobot, gevaarlijk proces

Cobots, collaboratieve robots die op de werkvloer nauw samenwerken met mensen, hebben in het afgelopen decennium een flink marktaandeel veroverd. Ze worden ingezet op veel gebieden: palletiseren, machinebelading, assemblage – maar ook lassen. Lassen is een wat vreemde eend in de bijt, omdat de veilige cobot wordt uitgerust met een lastoorts, waardoor er alsnog extra beschermingsmaatregelen nodig zijn. Het gebruik van cobots voor lastoepassingen is echter heel aantrekkelijk.

door Tom Vrugteveen, Development Engineer bij AWL-Techniek

Een ervaren handlasser heeft enorm veel kennis van zijn vakgebied. Deze kennis, die hem vooral in de vingers zit, is moeilijk onder woorden te brengen. In het Duits wordt het ook wel met een mooi woord ‘Fingerspitzengefühl’ genoemd. Om deze kennis om te zetten naar een robotprogramma is daar met traditionele robots veel voorkennis voor vereist. Of de kennis moet door de handlasser overgebracht worden op een robotprogrammeur die de vertaalslag maakt. Hoe je het ook wendt of keert, er gaat veel tijd en geld zitten in het proces goed afvangen in een robot.

Bij de hand nemen

Een groot voordeel van de lascobot is dat de handlasser de cobot zelf rechtstreeks met de hand kan begeleiden in zijn bewegingen: het inleren van posities is daardoor een stuk eenvoudiger dan bij traditionele robots, waar dit met een joystick gedaan moet worden. Bovendien is het opbouwen van een programma bij veel cobotmerken eenvoudiger dan ooit tevoren. Binnen een uur kan vrijwel iedereen leren om een basisprogramma te maken met een cobot. Dit maakt cobots zeer laagdrempelig en flexibel inzetbaar.

Toegevoegde waarde van een robotintegrator

Wat is dan nog de toegevoegde waarde van AWL als robotintegrator, als iedereen de cobot zelf kan programmeren? Een logische en ook terechte vraag. Er komt echter net wat meer kijken bij het inzetten van een lascobot dan alleen het programmeren van de bewegingen. De kracht van AWL  ligt op verschillende vlakken. Allereerst in het aansluiten van de lasbron, het programmeren van de logica rondom de lasbewegingen en het lassen van een patroon tussen twee punten. En nog belangrijker, we stellen een programma op dat zo gebruiksvriendelijk en waterdicht is, dat iemand met minimale training daar al veilig mee kan werken.

Veilige cobot?

Vaak wordt als argument voor het inzetten van cobots genoemd dat deze robots veilig zijn, en dus zonder beschermende hekwerken direct naast mensen kunnen functioneren. De naam suggereert het ook: collaborative robots. Deze naam is echter bedrieglijk. Niet alleen de cobot moet veilig zijn, maar de applicatie als geheel.

Er zijn meerdere integratoren in de markt die flexibele lascobots aanbieden die eenvoudig te programmeren zijn, maar echter nog niet altijd veilig. Om de lascobot toch veilig te maken wordt de veiligheid vaak gewaarborgd door een zogenoemde dodemansknop, het gebruik van lichtschermen of zelfs een hekwerk om het proces heen.

Cobotlassen naar volgend niveau

Standaard cobotlastafels zijn al langer op de markt. De winst zit daarbij dan vooral in de nauwkeurigheid waarmee de cobot een onderdeel last binnen een bepaalde tijd. Een nadeel is echter dat telkens maar één van beiden aan het werk kan: de operator of de cobot. Wanneer de series groter worden zal de benodigde lastijd steeds belangrijker worden. Stel dat de cobot er 30 seconden over doet om een deel te lassen, dan staat de medewerker bij duizend stuks meer dan acht uur stil.

AWL heeft een compacte cobotlascel, genaamd Qube, ontwikkeld. Deze is sterk gebaseerd op een standaard robotlascel: een draaitafel met twee mallen met de operator aan één kant en de cobot aan de andere. Een operator kan zijn taken dan veilig parallel uitvoeren aan die van de cobot. In plaats van een aangedreven draaitafel is een manuele draaitafel gebruikt. Zodoende hoeft er geen roldeur of lichtscherm voor, wat kosten bespaart en vloergebruik minimaliseert. Waarom wordt er dan toch een cobot toegepast? Niet om het gevaar bij een botsing te reduceren, maar juist om kosten te besparen: er komt geen integrator of robotprogrammeur aan te pas om een nieuw product in te leren. Dit kan zelf worden gedaan door een ervaren handlasser.

Samenwerking met OMRON

Als het gaat om de genoemde gebruiksvriendelijkheid is er al veel bereikt, maar desondanks nog veel te winnen. Als onafhankelijke systeemintegrator integreert AWL verschillende merken robots in machines, net als Qube. We zien echter veel potentie in de OMRON-cobot.

De programmering van deze cobot wordt gedaan in een stroomdiagram. Door de grafische weergave is het vrijwel voor iedereen snel te begrijpen. OMRON en AWL hebben er dan ook gezamenlijk voor gekozen een globaal partnerschap aan te gaan ter ontwikkeling en distributie van de eerste en enige echt volwassen oplossing in cobotlassen; Qube.

OMRON en AWL organiseren een webinar over Qube. Nieuwsgierig? Klik hier om meer informatie over dit webinar te lezen.

Deze blogs ga je ook leuk vinden:.

Hans Schlösser neemt afscheid van de RvC

AWL de verbindende factor in de Logistieke Markt

Modulaire bouw van maatwerk machines een sprookje?

Fizyr en AWL gaan samenwerken

AWL-Techniek Holding B.V.